De bouwers van de Franse Forten | Naamdragers forten

 Fort Dirks Admiraal | Fort Du Falga | Fort Erfprins | Fort Harssens | Fort Kijkduin

Fort Kijkduin "Miljoenenfort"| Fort op de Laan | Fort Oostoever | Fort Westoever

Home/Accueil

●  Inleiding/Preface

●  Nieuws/Nouvelles

Nederlands/Néerlandais

●  De Stelling Den Helder

●  Kustartillerie/l'artillerie côtière

●  Forten/Forteresses

●  Batterijen/Batteries

●  Linies/retranchement

●  Bunkers/Abris

●  Monumenten/Monuments

Duits/Allemand

●  Bunker complexen

●  Bunkers/Abris

●  Radar

●  Mijnenvelden/Champs de mines

Overige plaatsen

●  Callantsoog

●  Den Oever

●  Petten

●  Schagen

●  Schoorl

●  Texel 

Diversen/Divers

●  Boeken/Livres

●  Links/Liens

●  Updates

●  Site 

 

 

 

Nieuw Fort Kijkduin, het Miljoenenfort

  

© J. van Tongeren - Laatste bijwerking 27 januari 2009

 

 

Na de Eerste Wereldoorlog bleek pas hoe sterk de Stelling van Den Helder verouderd was. Het inmiddels bestelde achterhaalde 28 cm geschut voor het nieuwe 'miljoenenfort Kijkduin' werd daarom niet geplaatst en uiteindelijk stopte men in 1920 met de bouw.

Het nieuwe Fort Kijkduin bijgenaamd het "Miljoenenfort"

(Den Helder)

14 juni 1966

Fort De Ruyter (Vlissingen)

3 februari 1953

Bron: Zeeuwse bibliotheek http://www.zebi.nl

  

De verblijven met een kruis waren nog niet overdekt

 

De 28 cm kanonnen

De minister van Oorlog H. Colijn keurde op 3 juli 1913 het contract goed voor de aanschaf van 8 vuurmonden van 28 cm lang 45 bij de firma Friedrich-Krupp-Aktiengesellschaft, te Essen-Ruhr (Duitsland). Deze panterkoepels waren in eerste instantie bestemd voor:

- het te verbeteren fort Kijkduin en in tweede instantie voor een nieuw te bouwen fort Kijkduin (het zgn. "Miljoenenfort") bij Den Helder en

- het te bouwen fort de Ruyter bij Vlissingen.

De aanschaffingskosten van het geschut zijn bestreden uit het Fonds tot verbetering van de kustverdediging, dat bij de wet van 23 juni 1913 is ingesteld.

 

Vertraging

De firma Krupp had zich verbonden uiterlijk op 1 september 1916 twee complete koepels, dus met geschut, en uiterlijk op 1 juli 1917 de twee andere koepels te hebben opgesteld. Bij de uitvoering werd in het eerste jaar met grote voortvarendheid gewerkt, zodat het zich liet aanzien, dat oplevering zou kunnen geschieden vóór de hierboven genoemde data.

Door het uitbreken van den wereldoorlog 1914-1918 trad echter een belangrijke vertraging in de werkzaamheden op, terwijl door de daaropvolgende ratificatie op 10 januari 1920 van het Verdrag van Versailles de werkzaamheden met betrekking tot het gesloten contract moesten worden stopgezet. Daar de firma Krupp zich door deze omstandigheden op overmacht kon beroepen, moest de Nederlandse regering daarmee genoegen nemen.

 

De levering

De levering had plaats in de maanden juni, september en december van het jaar 1919. Geleverd werden 8 kanonnen kaliber 28 cm, waarvan 2 met een complete wieg, 2 met een wieg in voorbewerkte toestand, echter zonder munitie; voorts een aantal pantsers. Dit materiaal werd opgeslagen op de marinewerf te Amsterdam.

 

Nieuwe inzichten

Door de sedert 1913 sterk gewijzigde tijdsomstandigheden zouden voor het afwerken van het fort De Ruyter en het verbeteren van fort Kijkduin, het opstellen van de pantserkoepels, zomede het completeren van het geleverde geschut en het aanmaken van de benodigde munitie nog zéér belangrijke bedragen nodig zijn geweest.

Hierbij kwam, dat de inzichten nopens het gebruik en de opstellingswijze van zwaar geschut bij kustversterkingen, als gevolg van de ervaringen, opgedaan in de wereldoorlog 1914-1918, ingrijpende wijzigingen hadden ondergaan. Een en ander heeft tot gevolg gehad, dat het meergenoemde geschut nimmer is opgesteld.

 

Wel is nog uitvoerig nagegaan, of het geschut kon worden ingericht en bestemd voor spoor­weggeschut of beddinggeschut, maar ook daarvoor zouden nog aanzienlijke bedragen nodig zijn geweest. Gelet op andere behoefte van de landmacht, die de voorrang moesten hebben, konden deze bedagen niet beschikbaar worden gesteld, te meer niet, omdat de aanmaak van de munitie op ongeveer fl 3.000,- per schot zou neerkomen, berekend naar de prijzen, welke golden in 1920.

Tot verkoop is voorts niet overgegaan, dan men zich had overtuigd, dat ook het legerbestuur in Nederlands-Indië op deze kanonnen geen prijs stelde.

De totale kosten, welke voor de aanschaffing, het vervoer en de opslag van het geschut en de pantsers zijn besteed, hebben bedragen fl 1.334.335,72. Hieronder is begrepen een bedrag van fl 18.428,- dat in de jaren 1923/1931 voor onderhoud moest worden uitgegeven.

 

De verkoop

Op 21 december 1932 werd het geschut aan de firma Vlessing & Co. te 's-Gravenhage voor de prijs van fl.50.000,- verkocht. Verder was de firma bij contract verplicht de kanonnen van de Marinewerf te Amsterdam te verwijderen, waarvan de kosten van dit transport destijds geschat werd op fl 25.000,- à fl 40.000,-. Deze aan de gesloten koop verbonden voorwaarde moet bij de beoordeling van de koopsom mede in aanmerking worden genomen. Voorts betrof het hier een moeilijk verkoopbaar object, hetgeen blijkt uit het feit, dat de kanonnen in februari 1936 nog steeds niet door genoemde firma waren verkocht.

  

Tweede Wereldoorlog

Het onvoltooide fort heeft nog dienst gedaan voor de onderbrenging van de geschutsbemanning van de Marineseezielbatterie Duinrand

 

© E.A. van Bergen: Fundamenten van het middengedeelte van der fort tijdens begin '70-jaren.

© E.A. van Bergen: Fundamenten van het middengedeelte van der fort tijdens begin '70-jaren.

 

Het fort is in de zeventiger jaren bij de dijkverhoging ondergegraven.

 

Oktober 2008

De Stichting Stelling Den Helder en de Stichting Noordhollands Landschap zijn in overleg om een gedeelte van het zgn. Miljoenen fort zichtbaar te maken voor het publiek.