Geschiedenis kustartillerie | Kustverdediging | Bewapening

Torpedostation | Ontwikkeling munitie

 

Home/Accueil

●  Inleiding/Preface

●  Nieuws

Nederlands

●  De Stelling Den Helder

●  Kustartillerie

●  Forten

●  Batterijen

●  Linies/retranchement

●  Nederlandse bunkers

Duits

●  Batterijen

●  Bunkers

●  Radar

●  Mijnenvelden

Overige plaatsen

●  Callantsoog

●  Den Oever

●  Petten

●  Schagen

●  Schoorl

●  Terschelling

●  Texel

●  Vlieland

Diversen

●  Boeken/livres

●  Links/Liens

●  Updates

●  Site

 

 

De ontwikkeling van munitie

 

 

Coehoornmortier (1703)

In 1703 werden er 200 Coehoorn-mortieren voor granaten van 16 pond ijzer (kaliber 13 cm) aangeschaft. De ontwerper van deze mortieren was de veldheer en Generaal der Artillerie Menno, Baron van Coehoorn (1641-1704).

 

Pantserprojectielen (1870)

Voor het bevuren van gepantserde doelen (oorlogsschepen) werden speciale massieve pantserkogels vervaardigd.

Voor het in 1870 ingevoerde kustgeschut van 24 cm werden kogels ontwikkeld voor het schieten tegen pantseringen en andere sterk weerstand biedende doelen. Deze kogels, met een gewicht van 144 kg en voorzien van 5 koperen en 5 bronzen nokken werden vervaardigd van een bijzonder soort gietijzer, het z.g. hardijzer, waardoor ze beter bestand waren tegen breken bij de schok tijdens het treffen.

 

Het kaliber uitgedrukt in cm (1870)

In de nieuwe uitgave van de z.g. instructie-inventaris die in 1870 verscheen, wordt het kaliber van alle vuurmonden voor het eerst in lengte-eenheden (centimeters) uitgedrukt.

 

Kardoeszakken van zijde in gebruik (1877)

Vanaf 1877 werd het saai vervangen door zijde voor het maken van kardoeszakken.

 

Granaten gevuld met TNT (1890)

Het buskruit werd als projectielvulling sinds 1890 vervangen door de brisante springstof TNT (trotyl, trinitrotoluol).

 

Nieuwe luchtdoelmunitie in gebruik (1936)

Een aanzienlijke versterking van de luchtdoelartillerie had plaats in 1936 toen de 7,5 cm tl (tegen luchtdoelen) in gebruik werd genomen, waarbij ook gebruik werd gemaakt van patroonmunitie; de aanvangssnelheid van de stalen brisantgranaat was zeer hoog, nl. 750 m/sec.

Het was middelbaar luchtdoelgeschut, effectief tot maximaal 6000 meter. Het projectiel was voorzien van een tijdbuis en had een gewicht van 6,5 kg. Het patroongewicht bedroeg ruim 10 kg en de patroon was 77,5 cm lang. De vuursnelheid bedroeg 25 à 30 schoten per minuut.